Gestuurd Geluk, samenwerking tussen regisseur en cameraman

DOOR: Dirk Zekveld | 11-07-2017

Als maker zinspeel ik op eerlijke verhalen. En probeer ik de barrière die een camera opwerpt te effenen door de sfeer tijdens opnames te sturen, zodat mensen zichzelf durven zijn.

Echtheid blootleggen. Door dichtbij te komen zonder opgemerkt te worden. Daar bestaat niet één toverformule voor. Dat is volkomen omgeving- en persoonsgebonden. Toch is er altijd die ene constante; de andere mensen in de ruimte: de crew.

Ik werk met een relatief vaste poule van 4 a 5 cameramensen. Mijn persoonlijke relatie met elk van hen is anders. De overeenkomst vinden we in het werk, in de ambitie om voor het mooiste plaatje te gaan. Dat recht doet aan de persoon en zijn verhaal. En dat ideaal komt nabij als regisseur en cameraman functioneren als linker en rechterarm. En inclusief camera samensmelten tot een onzichtbaar lichaam.

Adri Schrover (bedolven onder Gouden Kalveren) is zo’n onzichtbare cameraman. Toch zie ik hem staan, aan het hoofdeinde van haastig bij elkaar geschoven tafels. Een tengere man met een smal gezicht. Zijn woordenstroom als een stoomlocomotief. Bij elke tuf lijkt de snelheid toe te nemen. Gaan zijn ogen glinsteren wanneer herinneringen opborrelen vanuit de diepte van zijn limbisch systeem. In Amsterdam op hoogte, in de leslokalen van Amsterdam Film School, deelt Adri zijn geheim van onzichtbaar zijn:

“Een camera komt over als wapen. En toch moet je ongevaarlijk lijken. Daarom werk ik in elkaar gedoken. Zo klein mogelijk. Maar verstoppertje spelen met een camera, dat bestaat gewoon niet. Langzaam dichterbij sluipen is de beste manier. En het is belangrijk om contact te maken met de mens voor je lens. Een truc om het ijs te breken is door iets onhandigs te doen. Ik stoot wel eens bewust een kopje koffie om.”

Spontane en onverwachte momenten maken een film aantrekkelijk authentiek. Adri: “Heel vaak komt het verhaal pas los als de camera uitstaat. Tegenwoordig zet ik mijn camera niet of zo min mogelijk uit. Dan teken ik met mijn vinger een rondje op de rug van de regisseur. Dat betekent: “hij draait”. En soms ontstaat er dan gestuurd geluk. Dat is het mooiste in een documentaire. Als dat gebeurt dan weet je dat je goed bezig bent.”

In situaties met meerdere sprekende hoofd- en bijpersonen is het soms lastig om focus bepalen. Adri: “Camera doe je met je oren. Luisteren is minstens zo belangrijk als filmen. Goed luisteren bepaalt wie jij in beeld neemt. Dat betekent niet dat je altijd de persoon in beeld moet nemen die praat. Vaak is de toehoorder nog interessanter. Zelfs in het buitenland kun je in een vreemde taal door te luisteren toch op het juiste moment het beste shot nemen. Dat is magisch.”

Een film begint bij een plan. Een regievisie en verhaallijn. Toch biedt papier geen garantie voor het resultaat. Documentaires moeten de ruimte hebben om tijdens draaien opnieuw te ontstaan. Adri:

“Ik vind het belangrijk dat een regisseur een duidelijk beeldconcept heeft. Anders speel ik op veilig. En dat begint met vertrouwen krijgen van de regisseur. Anders ben ik verloren. Er zijn ontzettend veel type regisseurs. De een laat je helemaal vrij. De ander stuurt tot in de kleinste details. De ergste types trekken aan mijn armen of fluisteren al fluimend en onverstaanbaar in mijn oor.

Sommige regisseurs kiezen ervoor om geen gesprekken te sturen. Zo laat Maria Ramos de kinderen in Desi helemaal vrij. Maar ze regisseert de omgeving tot in de puntjes, van bomen tot aan de dode waterhoen.

In Calimucho koos regisseur Eugenie Jansen voor amateur-acteurs. “De film volgt een reizend circusgezin. De hoofdpersonen komen wel uit het circus milieu maar zijn van te voren getraind. Met rode en groene kaarten. De rode kaart geeft bijvoorbeeld het signaal voor absolute stilte. Waarbij de acteurs zonder woorden hun gevoel moeten uiten. Voor opnames krijgen ze een opdracht en dan begint het grote improviseren. Ook tijdens het draaien blijft Eugenie regisseren. Soms ligt ze op te grond. Trekt ze aan broekspijpen om positioneringen te veranderen.

Eugenie legt mij strenge regels op. De hele film is in close-up gedraaid. Een andere beperking was dat ik nooit naar een andere persoon mocht pennen. Behalve als ze elkaar kruisten. Zo ontstaat een speelfilm met documentaire gevoel. En als je fictie draait met een documentaire crew ontstaat een bijzonder type documentaire.”

De aanpak van Hans Heijnen tijdens de filmopnames van Bewakers van Bemelen is van een andere orde: “Hans doet niet aan voorbereiding. Hans gaat eerst drie kwartier tot een uur koffiedrinken met zijn crew en gaat dan zonder afspraak langs bij zijn hoofdpersonen. We bellen aan, komen binnen, lichtje aan, snel zender om en dan gooit Hans een onderwerp in de groep. Zo worden de hoofdpersonen als het ware betrapt op het leven. Echt een overvaltechniek. Omdat hij structuur loslaat en vertrouwen heeft komt het altijd goed. Dan ontstaan de mooiste dingen. Tijdens het uitgebreid koffie drinken ontstond bijvoorbeeld plotseling een brand in het dorp. Als we die dag vanaf het eerste uur hadden gedraaid dan hadden we dit niet of te laat opgemerkt. Dat soort dingen, dat is gestuurd geluk.”

 

Setup van Adri Schrover

Canon C300 & A7S II

Ikan handheld gimbal

2x Bicolor lite panels

200W hmi lamp